De bouw van het internationale ruimtestation ISS vordert snel. Later dit jaar komt er een belangrijk Europees onderdeel bij: het Columbus ruimtelaboratorium. Zeven astronauten (twee van ESA en vijf van NASA) brengen deze wetenschappelijke module met een Space Shuttle naar het ruimtestation. Op 13 februari is het laatste bemanningslid van de STS-122 Space Shuttle missie bekendgemaakt: ESA-astronaut Léopold Eyharts uit Frankrijk. De andere ESA-astronaut is Hans Schlegel uit Duitsland. Hij werd al in juli vorig jaar benoemd.
Het ESA-duo speelt een belangrijke rol bij het vastmaken van Columbus aan het ISS. Na veertien dagen keert Schlegel terug naar de aarde in de Space Shuttle. Eyharts blijft in het ruimtestation om Columbus verder aan te sluiten en te controleren. Hij is als boordingenieur de eerste astronaut die de systemen en wetenschappelijke apparatuur van het Columbus laboratorium in de ruimte test en bedient. Na ongeveer twee maanden keert Eyharts terug met een nieuwe Space Shuttle bemanning (STS-123).

Columbus wordt in het laadruim van de Space Shuttle naar het ISS gebracht. Daarna wordt de module met de robotarm gekoppeld aan het in Europa gebouwde koppelstuk Node 2. Het laboratorium is op aarde al uitgerust met wetenschappelijke en opslagapparatuur. Tijdens een ruimtewandeling worden nog twee experimentmodules op Columbus vastgemaakt.
Eyharts was vroeger testpiloot. In 1990 koos de Franse ruimtevaartorganisatie CNES hem uit om astronaut te worden. Dit wordt zijn tweede ruimtemissie.