ESA Kids

XMM-Newton: de röntgendetector met meerdere spiegels van de ESA

XMM-Newton
XMM-Newton
De afbeelding openen

Het XMM-Newton-röntgenobservatorium van de ESA is het grootste ruimteobservatorium dat ooit in Europa is gebouwd. Het ruimtevaartuig, dat bij de lancering 3,8 ton woog, is 10 meter lang en heeft een spanwijdte van 16 meter over zijn twee zonnepanelen. De flinterdunne, met goud beklede spiegels vangen hoogenergetische röntgenstraling uit alle delen van het heelal op, en de gevoelige camera’s kunnen veel meer waarnemen dan welke eerdere röntgensatelliet dan ook.

XMM-Newton werd op 10 december 1999 gelanceerd door een Europese Ariane 5-raket. Het werd in een ongebruikelijke 48-uursbaan rond de aarde gebracht, met een hoogte die varieerde tussen 7.000 km en 114.000 km. De missie stond aanvankelijk bekend als XMM, naar het ontwerp met meerdere spiegels voor röntgenstraling (X-ray Multi-Mirror). De naam werd later gewijzigd in XMM-Newton, ter ere van de beroemde Britse wetenschapper Sir Isaac Newton.

Supermassive black hole

Hoewel de oorspronkelijke missie twee jaar zou duren, verkeert XMM-Newton nog steeds in goede staat. Dit opmerkelijke observatorium heeft allerlei objecten bestudeerd, variërend van kometen en planeten in ons zonnestelsel tot superzware zwarte gaten en exploderende sterren in de verste uithoeken van het heelal. Gedurende 14 jaar heeft het meer dan een half miljoen röntgenbronnen gedetecteerd, twee keer zoveel als voorheen bekend was.

Deze ontdekkingen zijn mogelijk gemaakt door het geavanceerde ontwerp van de observatorium. Aangezien röntgenstraling rechtstreeks door gewone spiegels heen gaat, bestaat elk van de drie tonvormige telescopen van de XMM uit 58 gebogen spiegels die in elkaar zijn genest. Binnenkomende röntgenstraling kaatst af op het oppervlak van deze spiegels, zodat de straling uiteindelijk wordt gebundeld op twee soorten instrumenten die zijn uitgerust met CCD-detectoren (zoals die in digitale camera’s worden gebruikt). Met behulp van een optische camera kunnen astronomen hun doelwitten nauwkeurig lokaliseren.