Veel jongeren hebben prachtige ideeën over experimenten die ze de ruimte in zouden willen sturen. Jammer genoeg is het vaak te duur voor universiteiten en scholen om experimenten te lanceren. Mee met een satelliet of met het internationale ruimtestation ISS. Maar er zijn goedkopere en eenvoudigere manieren. Het onderwijsbureau van ESA organiseert al twee jaar vluchten aan boord van kleine onderzoeksraketten en luchtballonnen. De twee programma's heten REXUS (door een raket gedragen experimenten voor universiteitsstudenten) en BEXUS (door een ballon gedragen experimenten voor universiteitsstudenten).
REXUS is een ongeleide raket op vaste brandstof met een enkele lanceertrap. Hij kan experimenten tot dertig kilo honderd kilometer boven de aarde brengen. Halverwege de vlucht van zes minuten wordt een module met daarin de experimenten losgemaakt. Met een hitteschild vallen de experimenten weer terug naar de aarde. Tijdens het laatste deel van de missie wordt de module door parachutes afgeremd voor de landing.
BEXUS is een enorme ballon die een doorsnede van veertien meter heeft als hij met helium is gevuld. Hij kan honderd kilo naar een hoogte van 35 kilometer brengen en kan wel vijf uur in de lucht blijven. De container met het experiment (de gondel) wordt van de ballon losgemaakt en keert met parachutes terug naar de aarde. De lading wordt meestal één of twee dagen na de lancering teruggebracht naar het lanceerterrein.
REXUS en BEXUS worden beide gelanceerd vanaf Kiruna in Noord-Zweden. Elk jaar wordt een aantal vluchten aangeboden. Zo krijgen studenten een zeldzame kans om experimenten te ontwerpen en te bouwen die naar de rand van de ruimte kunnen worden gebracht. We hopen dat veel van deze studenten later in de Europese ruimtevaartindustrie gaan werken.