Een van de oplossingen om die afstand te overbruggen is telegeneeskunde. Daarbij wordt via satelliet een beeld- en geluidsverbinding tot stand gebracht tussen patiënt en arts.
Telegeneeskunde werd voor het eerst op grote schaal ingezet tijdens de aardbeving van 1988 in Armenië. Omdat de gewone telefoonverbindingen waren uitgevallen, werd satellietcommunicatie gebruikt om dringende medische hulp te bieden.
In de jaren negentig zette de ESA de eerste proef met telegeneeskunde in de ruimte op. Tijdens een 10-daagse Spacelab-missie konden artsen beelden van het hart van een astronaut bestuderen en instructies terugsturen.

Tegenwoordig vindt telegeneeskunde brede toepassing. Patiënten die ver buiten de stad wonen, kunnen nu toch contact zoeken met artsen en verplegers. Verder maakt telegeneeskunde betere thuiszorg mogelijk.
ESA hecht veel waarde aan telegeneeskunde. Daarom financiert ESA bijvoorbeeld onderzoek naar robotten die op afstand kunnen worden bestuurd door een medisch specialist.
Dergelijke robots kunnen worden ingezet om chirurgische ingrepen uit te voeren of om een scanner over het lichaam van de patiënt te bewegen teneinde 3D-beelden van de inwendige organen te verkrijgen.
ESA draagt ook bij aan de medische bewaking van personeel van het zuidpoolstation Concordia.