Voor een buitenaards wezen ziet de aarde eruit als een waterwereld die voor een groot deel met oceanen en wolken is bedekt. Zonder deze kostbare vloeistof zou er geen leven op aarde zijn. Maar er is nog een heleboel dat we niet weten over het water op onze planeet en de invloed die het op ons weer en klimaat heeft. De volgende Earth Explorer-missie, die SMOS heet, gaat op zoek naar antwoorden.
Water is de enige natuurlijke stof die op aarde als gas, vloeistof en vaste stof kan bestaan. Als het door de zon wordt verwarmd, verdampt het water en wordt het een gas (waterdamp). Dat gas stijgt op en koelt af, zodat het wolken en regen kan vormen. De regen valt weer terug naar de aarde zodat de watercyclus wordt voltooid.

De meeste waterdamp komt uit de oceanen. Ongeveer een tiende komt vrij uit planten en uit verdamping uit de grond. Maar als de grond te nat wordt, kan dat zorgen voor overstromingen en erosie. Als er te weinig vocht is, verandert het land in een woestijn. Op dit moment wordt de vochtigheid van de grond nog niet vaak gemeten, maar door de lancering van SMOS gaat dat veranderen.
De satelliet gaat ook het zoutgehalte van de oceanen meten en zoeken naar gebieden die veel zouter zijn en dus meer dichtheid hebben. Die verschillen beïnvloeden de oceaanstromen, die weer invloed hebben op het weer en het klimaat.
SMOS heeft een speciaal instrument bij zich waarmee zowel de vochtigheid van de grond als het zoutgehalte van de oceanen kan worden gemeten. 69 ontvangers op Y-vormige armen meten microgolfstraling die van het oppervlak af straalt. Die armen kunnen zelfs een grondvochtigheid van maar 4% meten – dat is hetzelfde als een theelepel water in een handvol droge aarde. Tijdens een drie jaar durende missie gaat SMOS de eerste wereldkaarten vanuit de ruimte maken waar grondvochtigheid en het zoutgehalte van de oceaan op te zien zijn.