ESA Kids

Op zoek naar de geheimen van een Marsmaan

Mars’ moon Phobos
Phobos, de maan van Mars
De afbeelding openen

In 1877 ontdekte de Amerikaanse astronoom Asaph Hall twee kleine manen rond Mars. Hij noemde ze Phobos (angst) en Deimos (paniek). Ruim 130 jaar later zijn wetenschappers nog steeds op zoek naar de geheimen van deze manen. Maar we weten nu wel meer over waar ze van zijn gemaakt. En waar ze vandaan komen. Want deze zomer is ESA’s satelliet Mars Express er dicht langs gevlogen.

Mars Express is op dit moment het enige ruimtevaartuig dat in een heel elliptische (eivormige) baan om de rode planeet draait. Door deze baan komt hij door de baan van Phobos en kan hij alle kanten van de kleine maan bekijken. (Net als de maan van de aarde blijft Phobos altijd met dezelfde kant naar zijn planeet staan.) Tussen 23 juli en 15 september 2008 is Mars Express acht keer langs Phobos gevlogen. Hij scheerde langs op afstanden van 4500 kilometer tot maar 93 kilometer.

Uit close-upbeelden blijkt dat Phobos, de grotere maan, een aardappelvormige ruimterots is met afmetingen van slechts 27 km x 22 km x 19 km. Hij is erg donker – zwarter dan steenkool – en bedekt met talloze kraters. Door zorgvuldig te volgen hoe Phobos tijdens elke passage aan Mars Express trekt, hebben wetenschappers ontdekt dat de maan niet erg dicht is. Het is vrijwel zeker een ‘puinhoop’ – bestaande uit vele stukken gesteente die door de zwaartekracht bij elkaar worden gehouden – in plaats van één enkel, massief object.

De onderzoeken van Mars Express geven aan dat Phobos en Deimos misschien ooit asteroïden zijn geweest die tussen Mars en Jupiter om de zon draaiden. Maar niemand kan nog uitleggen hoe ze door Mars zijn gevangen en in ‘normale’ banen boven diens evenaar terecht zijn gekomen.