Mars was ooit warmer en natter dan het nu is. Beelden die zijn teruggestuurd door de Mars Express van de ESA en andere ruimtevaartuigen tonen enorme geulen die lijken op droge rivierbeddingen. Waar is het water gebleven?
Een kleine hoeveelheid ligt nu opgesloten in de ijskappen over de polen. Er is ook een deel in de ruimte verdwenen. Maar een groot deel ervan is bevroren en in de bodem en rotsen terechtgekomen.
Misschien ontstond het leven op Mars miljarden jaren geleden, toen het nog warm en vochtig was. Nu is het er te koud en te droog om leven mogelijk te maken. Sommige wetenschappers denken echter dat er diep onder de grond toch nog eenvoudig leven is, zoals bacteriën.

Over enkele jaren is de ESA van plan een rover te sturen om op Mars naar leven te zoeken. Daarna volgt een missie om gesteente en bodemmonsters terug te brengen voor wetenschappelijk onderzoek.
Behalve op Mars is er mogelijk ook leven in de met ijs bedekte oceanen op sommige manen van Jupiter. Ook heel interessant is Titan, de grootste maan van Saturnus.
Wetenschappers denken dat Titan lijkt op de jonge aarde – alleen dan veel kouder. In januari 2005 landde de Huygens-sonde van de ESA op deze ijzige, met smog bedekte maan. De sonde ontdekte droge rivierbeddingen en meren die soms gevuld zijn met vloeibaar methaan.